Drie MI visies voor het onderwijs.
1. Matchen. - Het matchen van didactische structuren met de intelligenties van de leerlingen
- De leerstof toegankelijk maken voor alle leerlingen.
- Meerdere verbanden leggen met het onderwijsprogramma.
- De leerstof aanbieden via alle intelligenties.
- Manieren creëren waardoor alle leerlingen kunnen leren.
- Lesgeven met MI.
Op hoe meer we onderwijzen, des te meer leerlingen we zullen bereiken. En op hoe meer manieren we iedere leerling kunnen bereiken.
2. Stretchen.
- Het stretchen van de meervoudige intelligentie van de leerlingen.
- De ontwikkeling van elk van de intelligenties aanmoedigen.
- Het ontwikkelen van zowel de dominante als de niet-dominante intelligenties van de leerling.
- Groei stretchen in elk facet van elke intelligentie.
- Versterken van de capaciteiten van leerlingen in iedere intelligentie.
- Lesgeven in MI.
Leerlingen helpen ieder facet van iedere intelligentie te stretchen. Leerlingen op vele manieren knapper maken.
3. Vieren. - Begrijpen en vieren van ons eigen unieke patroon van intelligenties.
- Onszelf verbeteren door cognitie en reflectie.
- Respect hebben voor het unieke patroon van intelligenties van een ander.
- Waardering hebben voor verschillen.
- Genieten van onze collectieve diversiteit.
- Lesgeven over MI.
Respecteren dat ieder uniek is en de diversiteit op prijs stellen. Vraag niet hoe knap we zijn, maar hoe we knap zijn.
MI's duidelijk zichtbaar aan de hand van een restaurant voorbeeld.
Het is lunchtijd in een denkbeeldig restaurant. Bij de ingang staat een rij klanten te wachten tot ze een plaats toegewezen krijgen. U mag in dit restaurant niet zelf zomaar ergens gaan zitten. Laten we eens nagaan wat er omgaat in de hoofden van een aantal van die wachtende mensen. Dan valt er iets belangrijks op: iedereen komt als het ware een ander restaurant binnen.
Bij het binnenkomen van het restaurant ziet onze eerste persoon onmiddellijk de aanbiedingen van de dag hangen en begint na te denken over de prijzen. In gedachten berekent hij hoeveel hij kan besparen als hij een maaltijd inclusief salade koopt, in plaats van een aparte salade bij een maaltijd. Deze klant is sterk logisch-mathematisch ingesteld in alle dagelijkse situaties.
De tweede persoon die het restaurant binnenkomt let vooral op wat mensen tegen elkaar zeggen en richt zich op de woordkeuze van haar vriendin. Haar vriendin heeft net gezegd, “Ik wou dat ze hier ‘minder’ aardappelen zouden serveren,” en ze vraagt zich af of ze niet beter ‘niet zo veel’ had kunnen zeggen. Ze denkt vaak na over woorden en woordkeuze. Ze is sterk in de verbaal-linguïstische intelligentie.
Een derde persoon denkt helemaal niet na over prijzen of woordkeuze, hij bestudeert de inrichting van het restaurant. Hij heeft een sterk ontwikkelde visueel-ruimtelijke intelligentie en ziet onmiddellijk voor zich hoe het restaurant anders zou kunnen worden ingericht, zodat het aantrekkelijker wordt en de klanten meer ruimte hebben.
Naar hem staat zijn vriend. Die is sterk in de muzikaal-ritmische intelligentie en luistert naar de muziek in het restaurant. Hij bedenkt dat een ander soort muziek een plezieriger sfeer zou creëren.
Vlak na hen komt een groepje van drie mensen binnen en als ze stilstaan op hun plaats in de rij, rekt één van de meisjes uit het groepje zich uit. Ze heeft juist een partijtje squash gespeeld en bedenkt hoe lekker het voelt om te sporten voor de lunch. Ze denkt terug aan een gemiste bal en ze bedenkt hoe ze de volgende keer zo’n bal beter terug kan spelen. Ze is bezig met haar lichamelijk-kinesthetische intelligentie.
De planten in het restaurant hebben de aandacht van één van haar vriendinnen getrokken. Sterk in de naturalistische intelligentie, valt haar een Philodendron op met wat gelige bladeren en ze steekt zelf haar vinger in de pot om te voelen of die plant niet teveel water heeft gehad.
De derde vriendin in het groepje kijkt naar de gezichtsuitdrukkingen van twee mensen die aan een tafeltje zitten. Ze gebruikt haar hoor ontwikkelde interpersoonlijke intelligentie. Ze weet bijna zeker dat er wat spanning leeft onder hun beleefde uiterlijke verschijning.
Op dat moment komt er nog een persoon het restaurant binnen. Hij is alleen. Als hij zijn plaats in de rij inneemt, maakt hij gebruik van zijn sterke intrapersoonlijke intelligentie en denkt over zichzelf na. Hij had die dag een klus afgerond en niet de lof gekregen waar hij op had gehoopt.
woensdag 17 maart 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Goed om MI op deze manier verder te verkennen. Maar zoals ik al had aangegeven: wil je wel aangeven waar je de bronnen vandaan hebt?
BeantwoordenVerwijderen